Zelf-onthulling en zelf-verhulling in de wereld van blogs en anti-blogs (Een tijdelijke Vertelling, Ruth Ozeki)

Ruth Ozeki’s roman “Een tijdelijke vertelling” is een zogenaamde “ik-roman” over de Japans-Amerikaanse schrijfster Ruth die een Hello Kitty-lunchtrommeltje vindt op het strand. Het bevat het dagboek van Nao, een 16 jaar oud Japans meisje dat is omgekomen tijdens de Tsunami; een ik-roman in een ik-roman dus.

Karakteristiek voor de ik-roman is dat ze de vorm heeft van een ‘bekentenis’ die volledig ‘transparant’ is en de ‘authentieke’ stem van de schrijver bevat. We herkennen deze stijl in de internetblogs, tweets en facebook berichten waarmee we dagelijks worden geconfronteerd; op eigen gezag bekent men zijn of haar voorkeuren op het gebied van kunst, politiek, wetenschap etc., en geeft men zich bloot in teksten, foto’s en filmpjes die worden gedeeld met anderen. Bepalend daarbij is niet zozeer de inhoud van een blog of tweet maar de mate waarin de eigen authenticiteit wordt zeker gesteld daarin; alles geldt de openbaring van jezelf.

Nu spreekt Ozeki van een spanning tussen zelfonthullende, zelf-verhullende en zelfopofferende handelingen in een ik-roman. De talloze voorbeelden van impersonatie op het internet illustreren goed hoe zelfonthullende berichten op facebook tegelijkertijd zelf-verhullend kunnen zijn; denk aan de volwassen kerel die zich voordoet als een jong ding en contact met je probeert te leggen.[1] In het digitale spel van zelf-onthulling en zelfverhulling lijkt daarentegen van zelfopoffering geen sprake te zijn; alles geldt de openbaring van jezelf.

En toch blijkt deze zelf-openbaring de grootste zelf-opoffering te zijn, zodra je beseft dat elke zelf-onthulling is aangewezen op een publiek van volgers dat er domweg niet is: “Tot mijn eigen verdriet betrapte ik mezelf erop dat ik net deed alsof iedereen in cyberspace wilde weten wat ik dacht, terwijl het in werkelijkheid niemand ook maar ene fuck kan schelen. En toen ik dat verdrietige gevoel vermenigvuldigde met alle miljoenen mensen in hun eenzame kamertjes die verwoed zitten te schrijven en naar hun eenzame paginaatjes zitten te posten waar niemand de tijd voor neemt om ze te lezen omdat iedereen het zelf veel te druk heeft met schrijven en posten, was ik daar behoorlijk kapot van” (33). Als iedereen schrijft en niemand meer leest, dan vindt de zelf-openbaring geen weerklank meer in de wereld, dan ontbreekt de resonantieruimte waarin het zelf wordt geconstitueerd. Wat nu als hierin de grootste zelf-opoffering van onze tijd bestaat?

Hoe ontkomt de ik-roman van Nao aan dit lot? In antwoord op haar ervaring genegeerd en verstoten te zijn door haar volgers (zen ‘in shikato) kiest ze voor een leven als otaku, een in zichzelf opgesloten en maatschappelijk geïsoleerde kluizenaar die haar leven verspilt. Haar verspilling bestaat in het schrijven van een anti-blog, dat wil zeggen een bericht dat niet meer aan allen maar aan een enkel persoon is gericht; haar dagboek dat in een broodtrommeltje verpakt aanspoelt op het strand om door Ruth gevonden en gelezen te worden. Deze strategie helpt natuurlijk niet, tenzij je bij voorbaat veronderstelt dat de schrijver en de volger van zo’n anti-blog aan elkaar zijn gerelateerd. Doordat “Een tijdelijke vertelling” die verstrengeling van de schrijver en de volger van Nao’s anti-blog inderdaad veronderstelt en overigens op prachtige wijze beschrijft, wordt Nao’s zelf-openbaring overbelicht en kan de vraag naar de grootste zelf-opoffering van onze tijd niet meer opkomen in dit boek.


[1] vgl. mijn blog over de banaliteit van transparantie van 22 augustus 2013 voor meer geleerde voorbeelden.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s