De boerka als laatste toevluchtsoord (De Harpij, A.N. Ryst)

In De Harpij van A.N. Ryst komt een passage voor waarin een vader zijn dochter in een pij hult om haar te onttrekken aan het zicht van snode minnaars en ander ongedierte. Onwillekeurig moest ik denken aan het (beperkte) verbod op boerka’s in Nederland. Een opmerking van de dochter is in dat opzicht verhelderend: “gedurende de hele tocht zou zij haar aangezicht aan niemand laten zien. Feitelijk was dit een domper op die heerlijk spannende onderneming, aan de andere kant, het had iets enerverends om tijdelijk iemand anders te kunnen zijn” (386). Het ligt voor de hand om het verbod op boerka’s te begrijpen als verbod om daadwerkelijk anders te zijn in de liberaal-democratische samenleving, zoals reeds is opgemerkt door vele critici. Instructiever is de gedachte dat de boerka-draagster onder haar pij juist kan beproeven iemand anders te zijn en ook feitelijk iemand anders is dan wij plachten te denken. Daarmee is de boerka een dubbele verhulling die juist valt toe te juichen in een tijd waarin mensen niet langer op hun daden, maar op hun gedachten of ideeën kunnen worden veroordeeld in de Nederlandse samenleving.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s