Tag Archives: economie

Verspilling en Sier ten tijde van de financiële crisis (Rafael Chirbes, Aan de oever)

Aan de oever gaat over een Spaanse timmerman wiens familiebedrijf failliet gaat als gevolg van de financiële crisis. Met het doorprikken van de economische bubbel wordt de grondgedachte van zijn vader bewaarheid dat het level niets dan verspilling is. Terwijl vòòr de economische crisis de bomen tot in de hemel leken te groeien aan de Spaanse kusten en de bouwsector hoogtij vierde, kan de ostentatieve verspilling aan mega-projecten die onaf en werkeloos de Spaanse kusten sieren niet langer worden ontkend.

Maar volgens de vader van de hoofdpersoon, die van linkse huize is, ligt deze verspilling niet zozeer aan een specifiek politiek-economische systeem waarin ondernemerschap gekoppeld wordt aan uitbuiting, egoïsme en geldverspilling, maar in het leven zelf verankerd: “Het menselijk leven is de grootste economische verspilling die de natuur kent: net wanneer het erop lijkt dat je eindelijk de vruchten kunt gaan plukken van wat je allemaal hebt geleerd, ga je dood, en zij die na jou komen beginnen weer bij nul. Ieder kind moet leren lopen, naar school toe om het verschil te leren tussen een cirkel en een vierkant, geel en rood, vast en vloeibaar, hard en zacht” (28).

Hoewel we inderdaad moeten erkennen dat leven verspilling is omdat de mens de door hem ontwikkelde kennis, ervaring en vaardigheden niet direct kan delen met een volgende generatie (door opslag in zijn DNA bijvoorbeeld), kunnen we hier wel iets op afdingen. De techniek stelt ons wel indirect in staat kennis, ervaring en vaardigheden door te geven aan volgende generaties. Techniek is dan gedacht als de tegenbeweging tegen de verspilling van het leven, die daarmee het leven ook weer méér dan verspilling maakt.

Toch reikt deze analyse niet ver genoeg en moeten we de verspilling als aard van het leven nog serieuzer en zelfs positiever nemen. Een oneindige economische accumulatie in een eindige ruimte zoals de aarde zou leiden tot een overdruk van machtsconcentraties die elkaar verdringen, en verspilling (denk aan de pauwenveer of een piramide) zou juist kunnen helpen om dit te voorkomen door overtollige energie weg te laten vloeien (cf. Zwier et. al. 2015). Als we dit idee serieus nemen, dan komt mijn eerdere opmerking over de mega-projecten die onaf en werkeloos de Spaanse kusten sieren opeens in een ander en veel positiever licht te staan.

 

 

Advertisements

De vrijheid van de economie, of hoe de Grieken de vrijheid verkwanselden (Lord Byron, De omzwervingen van Jonker Harold)

Lord Byron’s omzwervingen van Jonker Harold laat zien dat de Griekse onderwerping aan Europa in een lange traditie staat:

“Een bende pummels ringeloort uw land.

De Griek doet niets. Hij scheldt op de barbaar,

maar siddert voor de zweep in Turkse hand,

Een slaaf van wieg tot graf, in woord en daad ontmand” (II: 74).

Byron leert dat het Griekse referendum tegen de Europese schuldeisers niets anders was dan het gekef van een schoothondje die zijn angst en beven voor de wetten van de Europese economie moesten verhullen. De Griek draagt volgens Byron nog wel de kiem van de vrijheid in zich, maar weet die niet meer tot een verzengend vuur aan te wakkeren. Waarom? Ten onrechte hoopt de Griek op de hulp van derden; de Fransen en de Russen in Byron’s tijd, waarop ook nu weer een beroep wordt gedaan. Zijn oproep kan worden gelezen als een oproep aan de Grieken naar de vrijheid te grijpen en het juk van de Europese economie af te werpen.

“Wacht niet tot de Rus of Galliër dat doet!

Want ook al valt de vijand hun te voet,

Het vuur der vrijheid zal voor u niet branden.

Sta op! De wraak van de Heloot is zoet!

Kom Griekenland, verjaag uw dwingelanden!

Uw glorie is gedoofd; u resten hoon en schande” (II: 76).

Die schande bestaat erin dat nota bene de Grieken, als bewoners van de bakermat van Europa, de strijd tussen politiek en economie hebben verloren, en daarmee het vuur van de vrijheid van de economie.